Canadeze ganzen

Nu de dagen korter worden en de temperatuur daalt, zien we ook in onze contreien een bijzonder fenomeen terugkeren: de overvliegende ganzen.

Nederland is een echt ganzenland met een belangrijke geologische ligging vwb de vogels die in het najaar naar het zuiden vliegen om daar te overwinteren. In het noorden en westen van het land zijn dat vaak diverse ganzensoorten zoals de grauwe gans, rietgans, kleine rietgans, rotgans, kolgans enz.

Hier in parkstad en omgeving zien we echter veelal Canadese ganzen en meer zelden de grauwe gans. Voor de overige soorten ligt onze regio toch net wat te ver uit de trekroute die veelal over vlakke en natte gebieden voert.

Zoals de naam al doet vermoeden heeft de Canadese gans zijn oorsprong in Canada. Lang geleden heeft men de vogel echter naar Europa (met name Vlaanderen en Nederland) gehaald om te dienen als parkvogel.

Vanaf dat moment ging het snel: de grote vogel vond het veel zachtere klimaat hier wel prima en dat zorgde voor een snelle voortplanting. Tevens had dat zachte klimaat als voordeel dat wegtrekken naar een warmer werelddeel helemaal niet nodig was.

Het grote verschil met de ganzen uit de polders die deelnemen aan de trek is dat ónze ganzen niet op weg zijn naar het zuiden maar slechts pendelen tussen slaap en foerageer (eet) gebieden. Vaak niet verder dan enkele kilometers.

Ganzen slapen ’s nachts op de wat grotere wateren. Hier doen ze dat op bijvoorbeeld de Sigranogroeve of het stuwmeer in Kerkrade. Van daaruit vliegen ze ’s ochtends naar de velden om te eten en keren in de avond weer terug naar het water. Dit doen ze in de herkenbare V-vorm en vaak  met veel lawaai.

Wilde eenden doen dat overigens precies andersom. Dat zijn nachtdieren die overdag rusten (nou ja, rusten) op bijvoorbeeld de meezenbroekervijver om zodra het donker wordt te vertrekken naar gebieden waar ze natuurlijk voedsel vinden. Tenminste, als ze overdag niet teveel brood hebben gegeten.

Brood is trouwens heel slecht voor eenden. Ik weet, eendjes voeren is bijna een cultuurerfgoed verworden. En op zich kan eendjes voeren ook helemaal geen kwaad. Maar voer alstublieft geen brood. Er zit teveel zout in wat hun conditie er niet beter op maakt. Daardoor verzwakken ze in de winter snel en zijn vatbaar voor ziektes. Koop liever wat graan of duivenvoer en gooi uw oude brood bij het GFT. Dat geldt al helemaal voor beschimmeld brood.

Terug naar de Canadese gans. Hoe mooi deze ook is, hij hoort hier van nature niet thuis. Om die reden heeft de overheid bepaald dat er op de gans gejaagd moet worden om de populatie binnen de perken te houden. Temeer ook omdat de ganzen op hun zoektocht naar voedsel landbouwpercelen kunnen aandoen en daar aanzienlijke schade aanrichten. Bovendien kunnen zij door hun mest zelfs diepe wateren doen verzuren met serieuze vervuilingen zoals blauwalg tot gevolg. Blauwalg kan zelfs schadelijk zijn voor de mens.

Ook in het gebied Leenhof worden bij tijd en wijle Canadese ganzen bejaagd en geschoten in opdracht van de overheid. De ganzen sterven niet zinloos: hun vlees wordt voor consumptie gebruikt. Het ultieme scharrelvlees.

Wildbeheer in MSP

Aan de rand van MSP ligt het buitengebied van Leenhof en het kapellerbos, bij u allen zeker wel bekend. Het ca. 90 hectare grote groengebied wordt globaal begrenst door de Bredastraat, Hompertsweg, Kakert en Heerlenseweg, en herbergt een veelvoud aan (landschaps)elementen. En dus ook een veelvoud aan diersoorten.

Als geboren en getogen “jong van Palemig” heb ik een sterke band met dit gebied. Ik speelde er als kind en mijn voorouders bedreven er agrarische activiteiten. Pas op iets latere afstand kreeg ik er voor dit gebied een verantwoordelijkheid bij. Daarover vertel ik graag iets meer:

Veel van de aanwezige, door mensenhand gecreëerde elementen dateren uit de oudheid en herinneren ons aan de tijd van weleer. Denk aan de ruïne, de hoeve en de Leenderkapel. Het gebied is voor de één een wandel/recreatiegebied, een ander woont er middenin en wéér een ander moet er zijn boterham verdienen.

Er wordt namelijk nog steeds landbouw bedreven. In de volkstuinen gebeurt dat hobbymatig, en iets verderop richting de Kakert op professioneel niveau met commerciële achtergrond. De Leenderhoeve heeft haar agrarische bestemming reeds verruild voor woonbestemming.

Best veel mensen vertoeven dus op een relatief klein stukje grond  waar natuur en landbouw grenzen aan het stedelijk gebied. En soms kan dat botsen, zeker wanneer we elkaars standpunten niet kennen of begrijpen. En soms botsen mensen ook met de dieren die daar leven.

In opdracht van álle grondeigenaren (landbouw, gemeente, waterschap en een enkele particulier) wordt de daar in t wild levende dieren beheerd. Dit om de landbouw te vrijwaren van schade aan gewassen maar ook om populaties van diersoorten in stand/in toom te houden. Zelfs om eventuele overlast te bestrijden bij aanwonende burgers.

Voor het gebied Leenhof ben ik degene die deze verantwoordelijkheid draagt en in die hoedanigheid zal ik u periodiek berichten over het wildbeheer en indien gevraagd (en met tussenkomst van buurtpreventie-MSP) adviseren of vragen beantwoorden. Al ruim 20 jaar stop ik ziel en zaligheid in het beheer van de buitenruimte en koester ik liefde voor al wat groeit en bloeit.

Met groene groet, 

Toine Ramakers

Wist jij dat:

Je iedere 1e zondag van de maand van 13:00 t/m 16:00, bij buurtcentrum “the Break” binnen kunt lopen? En dat de vrijwilligers zorgen voor iets te eten/drinken en een gezellige sfeer met muziek en dans?
Vorige week zondag liep ik bij the Break naar binnen , ik kreeg meteen een kom warme kippensoep en een kopje thee voorgeschoteld. Zelfgemaakte soep door 1 van de vrijwilligers werd mij verteld. Heerlijk. Het regende en het was koud, dus dit was zeer gewenst en aangenaam. Daarna zijn we met zijn allen op twee nummers gaan line-dansen en kregen we instructies over pasjes, het ging wonderbaarlijk goed en het was erg leuk om te doen. Helaas kon ik niet lang blijven, maar ik weet zeker dat de gezelligheid is gebleven tot het eind.

Liefs Sien.